Een nieuwe koningin. Zonder verlies.
Een goede koningin is het waardevolste wat je in een volk kunt stoppen. Toch gaat het invoeren vaak mis, terwijl het bijna altijd kan lukken. Hier lees je waarom bijen een koningin accepteren of doden, welke methode het veiligst is, hoe het zit met onbevruchte koninginnen en wanneer je beter niet kunt invoeren.
Waarom bijen een koningin weigeren
Werksters herkennen hun koningin aan haar geur, vooral het koninginnenferomoon uit haar kaakklieren. Zolang een volk die geur ruikt, is er een koningin, en een vreemde koningin wordt dan als indringer behandeld. Werksters klemmen zich om haar heen in een dichte bal en steken of verstikken haar. Dat heet afstoten of inballen.
Hoeveel feromoon een koningin afgeeft, hangt af van haar leeftijd en of ze legt. Een leggende, goed bevruchte koningin ruikt het sterkst. Een onbevruchte koningin van één tot vier dagen oud ruikt nauwelijks naar koningin. Daarom is een leggende koningin veel makkelijker in te voeren dan een onbevruchte.
Broeder Adam, de grondlegger van de Buckfastbij, noemde het invoeren de spil van zijn hele bedrijfsvoering. Volgens hem bepaalt vooral het gedrag van de koningin of het lukt: een rustige koningin die gewoon doorloopt, wordt aanvaard. Een opgejaagde koningin die over de raat rent, roept juist agressie op. Alles wat je doet, is erop gericht om het volk tijd te geven aan haar geur te wennen, en de koningin rustig te houden.
Zeven gouden regels
Welke methode je ook kiest, deze regels gelden altijd. Bijna elke mislukte invoering is terug te voeren op een van deze punten. Vink ze af voordat je begint.
Bevrucht of onbevrucht: een wereld van verschil
Je kunt een volk een nieuwe koningin geven in drie vormen: een bevruchte, leggende koningin, een onbevruchte koningin die nog moet paren, of een rijpe moerdop waar binnen een of twee dagen een koningin uit loopt. Ze vragen elk een eigen aanpak.
Bevruchte koningin
Legt al, ruikt sterk naar koningin en is het makkelijkst in te voeren. Het volk heeft binnen een week weer jong broed. De beste keuze als je zekerheid wilt, en buiten het paarseizoen de enige goede.
Acceptatie met kooitje: 95–100%
Onbevruchte koningin
Goedkoper en je bepaalt zelf waar ze paart. Maar ze ruikt zwak, moet nog bruidsvluchten maken en kan daarbij verloren gaan. Alleen zinvol van mei tot en met augustus, als er volop darren vliegen.
Acceptatie: 9–77%, sterk wisselend
Rijpe moerdop
Een gesloten moerdop, een of twee dagen voor het uitlopen. Het volk accepteert de cel meestal goed, en de koningin die eruit loopt hoort er meteen bij. Gevoelig voor kou en stoten.
Acceptatie: rond 70% tot 95%
Bij onbevruchte koninginnen telt elk uur
In 2023 voerde een Lets onderzoeksteam 754 onbevruchte koninginnen in in bevruchtingskastjes, en volgde welke er uiteindelijk gingen leggen. Twee dingen bleken doorslaggevend: hoe oud de koningin was en hoe lang het kastje al moerloos was. Wissel tussen de twee weergaven.
← veeg om de hele figuur te zien →
Kies een weergave.
Bron: Smilga-Spalvina e.a., Czech Journal of Animal Science 2024. Geteld als geaccepteerd: koninginnen die na het paren gingen leggen. Gemeten in Letse bevruchtingskastjes; in een groot volk liggen de percentages meestal lager.
De les: een onbevruchte koningin voer je in direct na het uitlopen (binnen een paar uur), of in een volk dat al minstens vijf dagen moerloos is en waarvan je de redcellen hebt weggebroken. Een koningin van één tot vier dagen oud in een volk dat net zijn koningin kwijt is, is de slechtste combinatie die er bestaat.
De veiligste manier: een aflegger met uitlopend broed
Het Bieneninstitut in Celle, dat zelf koninginnen verstuurt, raadt beginners twee methodes aan: een aflegger van gesloten en uitlopend broed, of een kunstzwerm. De aflegger is het veiligst, om een eenvoudige reden: uitlopende jonge bijen hebben nog nooit een koningin gekend en aanvaarden vrijwel iedere koningin. Pas als de nieuwe koningin legt, verenig je de aflegger met het volk dat ze moet krijgen.
Schuif door de dagen om het hele verloop te zien.
← veeg om de hele figuur te zien →
Stap
Uitleg
Koningin met de post ontvangen?
- BewarenOp kamertemperatuur, donker en rustig. Nooit in de zon, in de auto of in de koelkast.
- Niet te langVoer haar het liefst binnen een dag na ontvangst in. Hoe langer in het kooitje, hoe zwakker en nerveuzer ze wordt.
- Even rustEen koningin die net een postreis achter de rug heeft, legt soms een paar dagen later dan je verwacht. Geef haar die tijd voordat je conclusies trekt.
Voor kostbare koninginnen, zoals een kunstmatig geïnsemineerde (KI) koningin, geldt dubbel: neem het zekere voor het onzekere. KI-koninginnen worden volgens Purdue University soms minder makkelijk aanvaard. Kies dan een aflegger of de opdrukkooi uit het volgende hoofdstuk.
Alle methodes op een rij
Er bestaan tientallen varianten, maar ze komen neer op negen basismethodes. Kies er een voor de stappen, de voor- en nadelen en een inschatting van hoe veilig hij is.
← veeg om de hele figuur te zien →
De kooi-test: lees de bijen
Voordat je het suikerdeegstopje vrijgeeft of de kooi opent, leg je het kooitje even op de toplatten en kijk je hoe de bijen reageren. Het verschil zie je in een paar seconden.
← veeg om de hele figuur te zien →
Rustig volk
Uitleg
Wanneer je níet moet invoeren
Soms is de beste beslissing om te wachten, of om het helemaal niet te doen. Vink aan wat op jouw volk van toepassing is.
Geen rode vlaggen
Vink aan wat je ziet. Staat er niets aangevinkt, dan zit je goed.
Welke methode past bij jouw situatie?
Vul in wat voor koningin je hebt en wat voor volk haar krijgt. Je krijgt de methode die het best past, met de stappen erbij.
Een advies op basis van de bronnen hieronder en onze eigen teeltpraktijk. Elk volk is anders: blijf kijken naar de bijen zelf.
Na het invoeren: geduld, dan controleren
De verleiding is groot om na twee dagen al te kijken. Doe het niet. Het moment van vrijlaten is het gevaarlijkste: als je dan de kast opent en de koningin opgejaagd over de raat rent, kan het volk haar alsnog inballen.
Samengevat
- Bijen accepteren een koningin als ze écht moerloos zijn, geen redcellen hebben en de tijd krijgen om aan haar geur te wennen.
- Een leggende, bevruchte koningin is veruit het makkelijkst in te voeren: met een kooitje lukt het vrijwel altijd.
- De veiligste manier is een aflegger van uitlopend broed met een kooitje. In een bestaand volk is de opdrukkooi het veiligst.
- Een onbevruchte koningin voer je in direct na het uitlopen, of in een volk dat al minstens vijf dagen moerloos is.
- Haal begeleidsters uit het kooitje, laat haar vrij via suikerdeeg en kijk de eerste zeven dagen niet.
- Voer niet in bij darrenbroedige werksters, bij een volk met een (onbevruchte) koningin of redcellen, en niet tijdens roverij.
Een koningin uit onze teelt
Van mei tot en met augustus leveren we bevruchte en onbevruchte Buckfast- en Kaukasische koninginnen, met stamboom en een duidelijke invoerinstructie. Twijfel je over je volk? Stuur ons gerust een foto of een berichtje.
Begrippen
De vaktermen uit dit artikel op een rij. In de tekst kun je op een woord met een stippellijntje tikken voor de korte uitleg.
- Aflegger
- Klein nieuw volkje dat je maakt van een paar ramen broed en bijen uit een sterk volk.
- Begeleidsters
- Werksters die met de koningin in het verzendkooitje meereizen om haar te voeren.
- Bruidsvlucht
- Vlucht waarbij een jonge koningin hoog in de lucht met darren paart. Meestal maakt ze er een paar, verspreid over enkele dagen.
- Celbeschermer
- Kokertje om een moerdop, zodat werksters de cel niet van opzij kunnen openknagen.
- Darrenbroedige koningin
- Koningin die slecht of niet gepaard is, of geen zaad meer heeft. Ze legt alleen onbevruchte eitjes, waar darren uit komen.
- Darrenbroedige werksters
- Werksters die zelf onbevruchte eitjes gaan leggen als een volk te lang zonder koningin en jong broed is. Er komen alleen darren uit.
- Dracht
- Periode waarin de bijen veel nectar kunnen halen, bijvoorbeeld als koolzaad, linde of heide bloeit.
- Haalbijen
- Oudere werksters die buiten nectar, stuifmeel en water halen. Ze zijn kritischer dan jonge bijen.
- Inballen
- Werksters klemmen zich in een dichte bal om een vreemde koningin en steken of verstikken haar.
- Invoerkooitje
- Klein kooitje van gaas of kunststof waarin een koningin wordt verstuurd en ingevoerd. Het heeft vaak een vakje voor suikerdeeg.
- Kernvolk
- Klein volkje van een paar ramen, om een koningin in te houden of te laten aanleggen.
- KI-koningin
- Koningin die kunstmatig is geïnsemineerd met zaad van uitgekozen darren. Zo weet je precies wie de vaders zijn.
- Koninginnenferomoon
- Geurstof uit de kaakklieren van de koningin. Hieraan merkt het volk dat er een koningin is.
- Krantenmethode
- Twee volken verenigen met een vel krant ertussen. De bijen vreten door het papier en wennen ondertussen aan elkaars geur.
- Kunstzwerm
- Volkje van afgeveegde bijen, zonder raten of broed, dat je in een nieuwe kast laat beginnen, net als een natuurlijke zwerm.
- Loopmoer
- Onbevruchte koningin die net uit haar moerdop is gelopen.
- Moerdop
- Grote, eikelvormige cel waarin een koningin opgroeit.
- Moergoed
- Een volk met een gezonde, leggende koningin.
- Moerloos
- Een volk zonder koningin.
- Onbevruchte koningin
- Jonge koningin die nog niet gepaard heeft. Ze legt pas na haar bruidsvluchten.
- Opdrukkooi
- Gazen kooi die je over een stuk raat drukt, met de koningin eronder. Jonge bijen lopen eronder uit en verzorgen haar.
- Proefraam
- Raam met eitjes en jong broed uit een ander volk. Een moerloos volk zet daar redcellen op.
- Redcel
- Moerdop die het volk zelf bouwt over een jonge werksterlarve als de koningin wegvalt. Ook wel noodcel genoemd.
- Roverij
- Bijen die de honing van een ander, meestal zwakker volk komen stelen.
- Suikerdeeg
- Stevig deeg van poedersuiker en honing of invertsuiker. In het kooitje sluit het de uitgang af, zodat de bijen de koningin langzaam vrijvreten.
- Uitlopend broed
- Gesloten broed waaruit de jonge bijen op het punt staan te komen.
- Vliegcirkel
- Gebied rond de kast waarin de bijen vliegen, tot zo’n drie kilometer. Zet je een volk binnen die cirkel ergens anders neer, dan vliegen de haalbijen terug naar de oude plek.
Bronnen
- LAVES Institut für Bienenkunde Celle (2025): Informationen zum Zusetzen von Bienenköniginnen aus dem Versand.
- Purdue University Extension: Requeening and queen introduction (E-277).
- Smilga-Spalvina, A., Spalvins, K. en Veidenbergs, I. (2024): Field study: Factors influencing virgin queen bee acceptance rate in Apis mellifera colonies, Czech Journal of Animal Science. Met een overzicht van eerder onderzoek van Butler en Simpson (1956), Szabo (1982) en Pérez-Sato e.a. (2007, 2008).
- Broeder Adam (Karl Kehrle): The introduction of queens.
- Eigen ervaring uit de teelt van Quality Queens.
© 2026 Quality Queens · qualityqueens.nl. Tekst, tekeningen en interactieve onderdelen zijn eigendom van Quality Queens en mogen niet zonder toestemming worden overgenomen. Delen met een link is van harte welkom.
